De toon is weer gezet

Afgelopen vrijdag nam ik afscheid van de Hogeschool Leiden, Afscheid van het gebouw, maar nog meer van mijn klasgenoten en van drie docenten die ik de afgelopen maanden heb leren kennen. We hadden vrijdag onze laatste twee tentamens van de minor en sloten de dag – en de minor af – met een alcoholvrije borrel. Dus eigenlijk; een hightea, maar dan zonder de koekjes, chocolaatjes en de etiquette. Deze week mag ik mijn laatste producten schrijven en reflecteer ik me helemaal suf op alles wat ik de afgelopen weken gedaan heb. Als ik mijn producten vrijdag heb gemaild is de minor verslavingszorg afgesloten, tenminste tot het moment dat ik de onvoldoendes krijg. Want in dat geval mag ik voor een herkansing nog een keer naar Leiden. Er is ook een andere kant, als ik alle tentamens wel haal komen mijn klasgenoten naar Groningen om dat te vieren. Meer lezen

Dat dubbele gevoel

Het geeft een gek en dubbel gevoel; Momenteel zit voor het laatst, als inwoner van Leiden, in de trein naar het noorden. Enerzijds zie ik er naar uit om weer in Groningen te wonen en af te studeren. Anderzijds is Leiden een leuke gezellige stad in een leuke omgeving. Ik heb het idee dat ik nog zoveel meer had kunnen beleven in Leiden en omstreken.

Vorig jaar april zat ik op het kantoor van de VNN. Ik liep stage en mijn vierde studiejaar leek ver weg. Ik dacht; eerst mijn stage halen dan zien ik wel verder. Langzaam werd het duidelijk dat ik mij bij de VNN wel op mijn plek voelde. Ik bedacht dat ik wel graag met deze doelgroep zou willen werken. Ergens vond ik deze openbaring eng. Ineens werd duidelijk wat ik met een deel van mijn leven wilde doen: Als hulpverlener ambulant aan de slag in de verslavingszorg. Tijd om daar over na te denken kon niet langer uitgesteld worden. Ik kwam erachter dat de Hanze Hogeschool al snel wilde weten wat ik wilde doen in mijn vierde jaar. Wilde ik een specialisatie/minor volgen in Groningen? of toch mijn vleugels spreiden? Surfend op het internet leerde ik dat er zowel in Zwolle als in Leiden een minor Verslavingszorg gegeven werd. Instinctief voelde ik dat Leiden een goede plaats voor mij zou zijn. Onder de rivieren, de andere kant van het land, een uitdaging en – wat geheel in het beeld van 2011 paste – buiten mijn comfortzone. Na een telefoongesprek met de coördinator kwam ik erachter dat ik binnen twee dagen de keus moest maken. Zonder er veel bij na te denken koos ik voor Leiden. Later kon ik altijd zien hoe ik het praktisch moest doen. Meer lezen

Waar is het fatsoen?

Voordat ik afgelopen vrijdag in de trein stapte naar Groningen twitterde ik dat ik het niet zou uitsluiten dat ik een frustratieblog zou schrijven over mijn perikelen van die dag op de Hogeschool Leiden. In diezelfde tweet verzocht ik of iemand mij wilde tegenhouden. Een persoon heeft mij daadwerkelijk tegengehouden (waarvoor dank). Ik weet van mijzelf dat wanneer ik vol emotie schrijf sommige woorden soms hele stukken heel bot over kunnen komen. Vaak is dit het geval en daarmee kwets ik mensen. Ik weet dat uit ervaring. Een voorbeeld is een strijd die ik verloor met een docente op de Hanze Hogeschool in Groningen. Nadat ik als enige van een projectgroep een onvoldoende had gekregen schreef ik een email naar de betreffende docente. Ik probeerde in de email uit te leggen dat ik vond dat mij onrecht was aangedaan (daar kan ik slecht tegen). Maar uit de reactie die ik kreeg van haar kreeg leerde ik dat het niet verstandig was geweest om de email te verzenden. Ze voelde zich aangevallen en wilde het niet via de email bespreken. We maakten een afspraak en natuurlijk trok ik aan het kortste eind. Wat ik toen leerde is dat docenten altijd gelijk krijgen ongeacht wie gelijk heeft. Met dat in mijn achterhoofd en het ‘tegenhouden’ van die persoon koos ik ervoor om niet te gaan schrijven. Ik verkoos het verstandige boven het brandende gevoel in mij. Meer lezen

Het zal je maar gebeuren

…een titel van het aangrijpende programma van de EO waarin oprecht tranentrekkende beelden worden laten zien van mensen die te maken hebben met moeiten in hun leven.

Maar vandaag wil ik het niet zo aangrijpend maken. In tegendeel, er is al zoveel ellende in de wereld en Steve Jobs is ook al overleden, kortom genoeg treurnis in de wereld. Vandaag wil ik verder ‘vertellen’ over mijn belevenissen in de stad Leiden. Ik wil een aantal dingen beschrijven zoals ze mij de afgelopen twee weken voor de spreekwoordelijke schoenen werden gegooid.

Laat ik studie-inhoudelijk beginnen, dan hebben we dat ‘saaie’ gedeelte ook maar gelijk gehad. Binnen mijn minor heb twee dagen college per week. Je zou het hast niet verwachten maar deze dagen worden gevuld met colleges. Bijvoorbeeld leefstijltraining. Leefstijltraining maar dan niet zoals mij geleerd is in mijn stage bij Verslavingszorg Noord Nederland, over deze leefstijltraining straks meer. Daarnaast hebben we een college motiverende gespreksvoering waarin we gesprekstechnieken oefenen, we leren opnieuw goede vragen te stellen, we leren weer samenvatten, parafraseren, directief, non-directief et cetera et cetera. We elke week een lezing. In deze lezing komt iemand van buitenaf vertellen over zijn ervaringen en/of werk. We hebben project dat we aan de hand van drie gesprekken met een cliënt van Brijder verslavingszorg een boekje schrijven over zijn of haar leven. Tenslotte hebben we ook een college kwetsbaarheid. Dat is dan geen college waarbij je bij het denken aan de college al wankel op je benen staat en tranen in je ogen hebt. Het is een college die ingaat op de middelen, de werking van deze middelen en eventuele behandelmethoden die daarbij mogelijk zijn.

Meestal best interessante colleges over een nog interessanter onderwerp. Maar voordat ik overga op de kleine irritaties zal ik eerst het positieve eruit halen (zoals me dat geleerd is bij het feedback geven). De college kwetsbaarheid rockt echt. De docent is een relaxte gast die oog heeft voor de kennis die wij al hebben. De manier waarop hij les geeft spreekt mij ontzettend aan. Hij stoort zich niet zichtbaar aan studenten die bezig zijn met hun mobiel (zoals ik) en hij geeft de informatie die we nodig hebben goed weer. Motiverende gespreksvoering is net zo’n les. Door het vele oefenen vind ik het soms wat saai en ‘moeten’ worden, maar de docent heeft kennis en kan dit op een prettige manier overbrengen.

De lezingen zijn helemaal boeiend. Vorige week kwam Gerard Alderliefste (ook zanger van onder anderen une belle histore) een college geven. Hij werkt bij Brijder verslavingszorg en heeft op een zeer interessante manier college gegeven. Ik heb de hele klas, waaronder ikzelf, niet zo geconcentreerd zien luisteren. Dat hij op mijn verzoek tijdens de pauze, ‘Lucy in the sky with diamonds’ draaide van de Beatels was de kers op de taart. Wisten jullie trouwens dat de werking van cocaïne ongeveer het zelfde voelt als klaarkomen terwijl je een vrije val maakt uit een vliegtuig (uiteraard wel met parachute)? Meer lezen

De kop eraf

Hoe had ik ooit in april van dit jaar kunnen denken dat ik prima heen en weer kon reizen naar mijn colleges in Leiden? Zoals je misschien wel weet moest ik in amper 48uur besluiten of ik in Leiden wilde studeren als student uit Groningen. Verslavingskunde, aangeboden in zowel Zwolle als Leiden. Dat maakte een keuze mogelijk. Maar binnen 24uur besloot ik enigszins impulsief dat het Leiden moest worden. Hoe dat gebeurde? Het leek me uitdaging en dat maakte dat ik in de vierentwintig uur, na contact te hebben gehad met hogeschool Leiden. vooral bezig was mezelf ervan te overtuigen waarom dit de beste keus zou zijn.

Dat lukte, want dankzij mijn overtuigingskracht raakte ik overtuigt. ik melde mij aan en zorgde voor de administratieve afhandeling. Afgelopen juli kreeg ik het definitieve bericht dat mijn aanmelding was goedgekeurd. Later kreeg ik via via via via een kamer aangeboden en twee dagen daarna had ik definitief een kamer in Leiden. Hoe makkelijk en snel kan het gaan. Het kwam me (bijna als gewoonlijk) weer aanwaaien.

Deze week heb ik mijn eerste colleges gehad. Afgelopen woensdag mochten we als nieuwe klas rustig inkomen met een dag(je) van half negen in de  ochtend tot half zeven s’ avonds en vandaag hadden we een dag van half een in de middag tot half vijf. Echter kregen we het voor elkaar om het laatste uur te vervroegen en zo stond ik om half vier weer buiten.

Maar Gertjan hoe is dat nu om in Leiden te wonen en te studeren? Het is ontzettend leuk en tegelijkertijd erg wennen. Ik zal je proberen uit te leggen waarom. Meer lezen

Van Leiden naar onverwachte asielzoekers.

Na mijn vorige blog, waarin ik schreef over het feit dat het allemaal wel minder kon, vandaag een uitgebreidere blog over mijn leven als student met vakantie. Van de afgelopen week (vanaf zondag gezien dan) waren maandag en dinsdag het meest memorabel. Want wie had gedacht dat ik dinsdag na een onschuldige lunch met Sanne bij haar zou naaien? Ik niet, maar daarover straks meer.

Per september ben ik zowel student aan de Hanze Hogeschool in Groningen als aan de Hogeschool Leiden in, en je raad het misschien al, Leiden. In Leiden ga ik de minor Verslavingskunde volgen. Omdat ik nog nooit in Leiden was geweest leek het mij geen slecht idee om voor het schooljaar eens een kijkje te nemen. ‘Hoe kom ik van het station bij de hogeschool?’ en ‘Hoe is Leiden als stad?’ waren voor mij vragen die ik wel beantwoord wilde zien. Om de reis van bijna drie uur niet alleen te hoeven doen, afgezien van het feit dat ik je de trein nooit alleen bent, vroeg ik zus (Wietske) of ze mee wilde. Dat wilde ze wel, want zij was immers wel eens in Leiden geweest en wilde mij een grand tour geven.  Zo gezegd zo gedaan. Om kwart voor tien stapte ik in Groningen in de trein, in Zwolle kwam Wietske mij vergezellen en na een overstap in Utrecht kwamen we rond half één aan in Leiden. Reisduur? Twee uur en eenenvijftig minuten. Gelijk bekroop mij de gedachte of ik dit drie keer per week wil doen? Ik moet maar eens goed nadenken of ik heen en weer wil reizen of tijdelijk een kamer in Leiden ga zoeken.

Aangekomen in Leiden leek het me een goed idee om voor het lunchen, wat natuurlijk ook belangrijk is, de Hogeschool te bezoeken. Wie weet was er iemand waarmee ik kon spreken, iemand die inhoudelijk iets over de minor kon vertellen. Aangekomen sprak ik de receptionist aan die mij doorverwees naar de studentenadministratie die mij vervolgens doorverwees naar de servicebalie, het leek wel een verwijzersdag. Het voelde alsof ik op een hogeschool was aangekomen. Het kastje muur effect is waarschijnlijk in de omstreken van Leiden ontdekt en ingevoerd. Later is dit overgewaaid naar het noorden, naar de Hanze Hogeschool.  Want dit kastje-muur-fenomeen herkende ik direct van de Hanze, daar hebben ze het verwijzen, doorverwijzen en terugverwijzen tot olympische sport verheven. Dit maakte dat ik me gelijk thuis voelde in Leiden. Vooraf dacht ik hier twee weken voor nodig te hebben op de Hogeschool, Echter werd het al gauw duidelijk dat dit een naïeve gedachte was. Aan de servicebalie vertelde dat ik uit Groningen kwam, daar studeerde en in september zou beginnen aan de minor verslavingskunde in Leiden. Ik vroeg of er iemand was waarmee ik kon spreken. Hij pakte de telefoon en belde. “Hallo, Ja je spreek met … van de servicebalie. Ik heb iemand die uit Groningen is gekomen aan de balie en hij wil graag informatie over de minor verslavingskunde.” De vrouw, aan de andere kant, die ik al eerder aan de telefoon had gehad, was wel aan het werk, maar dan thuis.

Ik was op de bonnefooi naar Leiden gegaan in de hoop dat er iemand zou zijn. Ik had niet eens op internet gekeken of het pand überhaupt open was. Nadat bleek dat er niemand was die me te woord kon staan liep ik samen met Wietske weg en zei ik nonchalant: ‘ach, dan kom ik een andere keer wel weer om het te proberen’. De manier waarop hij toen keek was echt onbetaalbaar. Na een vermakelijk rondje door de hogeschool werd het tijd voor de grand tour door het centrum van Leiden. Hoewel het rustig was, gaf het me een goed beeld van hoe de stad Leiden moest zijn als het wel druk zou zijn. De terrassen gevuld, lange winkelstraten, veel winkels die ook in Groningen zijn (je gaat toch vergelijken) en een hele pittoreske uitstraling. Ik zou me daar wel op mijn gemak kunnen voelen. We vonden onze plek aan het water, met zicht over een brug en vele voorbijvarende sloepjes. Het was heerlijk in de zon en het eten smaakte naar verwachting. Na een wandeling en een paar boekenwinkels (zus houdt nogal van lezen) gingen we weer richting het noorden. Terug naar Groningen, terug naar huis.

Dinsdag was mijn enige agendapunt het Lunchen met Sanne. Het gekke of meest opmerkelijke van het lunchen met Sanne afgelopen dinsdag vond ik de afloop. Hoewel Sanne al jaren een vriend heeft had ze er geen enkel zichtbaar probleem mee, ze moedigde me zelfs aan en hielp me zelf, om bij haar te naaien. Om half één had ik met haar afgesproken bij de Australian aan de vismarkt (in Groningen). We hadden tijdens onze stage al eens eerder geluncht en omdat dat goed beviel had ik haar vorige week spontaan uitgenodigd om dat nog eens te doen. Ze was er op dat moment niet maar stelde voor om afgelopen dinsdag te lunchen. Omdat ik lunchen belangrijk vind en er goed in ben leek me dat een goed idee. We gingen lunchen bij Boven-Jan aan de grote markt. Ik bestelde een uitsmijter ‘Luilekkerland’. Wat er eigenlijk op neer kwam dat ik en een broodje ei met ham en kaas kreeg en een kroket. Sanne bestelde iets exotisch wat ik niet kan uitspreken, laat staan schrijven. Het gesprek ging al gauw over stage, school en cijfers. Nadat we deze onderwerpen hadden afgestreept was het tijd voor wat meer ‘intieme’ onderwerpen als, waarom zijn Gertjan’s zo leuk (haar vriend is naamgenoot), hoe gaat het met de scharrels, liefdes en hoe raak je in vredes naam je telefoon kwijt tijdens het stappen? Nadat de zon haar werk had gedaan en we onze pokkels (lees: buik) vol hadden gegeten nodigde ze me, zonder blikken of blozen, bij haar thuis uit. ‘Ga je nog even mee naar boven’ zei ze. Bij haar thuis aangekomen liet ze me haar kamer zien, waarover ze eerder die middag had verteld. Het was inderdaad zo mooi als ze vertelde maar niet zo groot, althans dat idee heb ik. Ook had ze een gigantisch dak dat bereikbaar was via een kachel, een raam en een buitenstaand bankje. Ik wilde wel kijken en stapte naar buiten, met de stappen die ik nam hoorde ik mijn broek scheuren. Ik ben wel vaker uit een broek gescheurd, ik heb nu eenmaal een dikke bips. Omdat het vaker gebeurde bleef nonchalant. De schade leek mee te vallen en wanneer ik door de stad terug zou lopen naar mijn fiets zou het niemand opvallen, geen zorgen dus.

Wat ik toen niet wist, was dat het nog geen vijf minuten daarna nog een scheur in mijn broek zou krijgen die wel ernstig was. Nadat ik vier minuten rond had gezworven op het dakterras wilde ik weer naar binnen. Een ongelukkige stap zorgde voor een scheur van ongeveer 40 centimeter. Van mijn lies tot halverwege mijn korte broek. Wanneer ik zo door de stad heen zou wandelen zou iedereen er van overtuigt zijn dat ik ‘Jack the Stripper’ was, nu hij zo in het nieuws was, leek mij dat niet handig. Mijn boxershort was goed zichtbaar, mijn been nog meer. Kortom paniek. Sanne had als reddende engel een oversized broek, die ik zelfs aan kon, en een naaisetje. Daar zat ik vervolgens met roze draad met sierlijke bewegingen mijn broek te naaien (whoop whoop). Bijna het halve rolletje garen is in mijn broek gegaan maar het was wel dicht. Het was zelfs goed dicht want toen ik weer in mijn eigen broek stapte bleven de stiksels zitten.

Toen ik onderweg naar huis fietste, zelfs op de fiets hielden mijn stiksels het, wist ik nog niet dat ik diezelfde avond nog een volgend memorabel moment zou beleven. ‘s avonds zag ik op Twitter dan Dick en Aline van plan waren om te gaan terrassen in Groningen. Ik reageerde dat Groningen een uitermate goede keuze zou zijn en dat wanneer ze nog gezelligheid nodig hadden dat ze mij maar moesten berichten. Rond half elf kreeg ik het verlossende berichtje. Nog geen twintig minuten later zat ik met Dick en Aline op het terras, was hadden het over koetjes, kalfjes, sappige roddels uit Assen, oude koeien in de vorm van scharrels, het niet halen van punten en over het werken als Assenaar in een fries ziekenhuis waar ze alleen maar fries spreken. Na een biertje, of wat, kwamen we op het gespreksonderwerp hoe laat de laatste bus of trein zou gaan. Omdat ik een nieuwe frisse snelle telefoon had mocht ik wel kijken hoe laat dat was. Toen ik dit op mijn scherm zag was het inmiddels bijna half een geworden. Doodleuk vertelde ik dat de trein over drie minuten zou gaan en dat ze die echt niet meer gingen halen. Lichtelijk in paniek vroegen ze vluchtig of er ook nog een bus ging. Ik keek weer en antwoordde negatief. De manier waarop ze toen keken was onbetaalbaar. De één had de volgende ochtend een theorie examen de andere zou om zeven uur oppassen. Even noemde ze dat ze wel met de taxi naar Assen konden, maar beiden hadden daar eigenlijk geen zestig euro voor over. Ik vertelde dat een taxi naar mijn huis ongeveer twaalf euro zou zijn en dat ik nog wel wat slaapplekken kon realiseren. Zij waren gered en ik had plotseling twee logees. Nadat ze besloten hadden dat ze wel bij mij bleven pitten werden de ouders via sms op de hoogte gesteld. Op datzelfde moment had Dick trek. Ik wist nog wel een goede nieuwe dönner naast de Febo. Minuten later probeerde Dick tevergeefs fatsoenlijk zijn broodje op te eten. Nadat dertig procent van zijn broodje op de grond was gevallen en Aline haar broodje kipburger op had gingen we kijken hoe het in Ome Ko was. Ze hoefden nu toch niet meer naar huis. Na een paar biertjes, wat danspasjes, wat stoere blikken naar links en rechts en een plaspauze was het tijd om naar huis te gaan. Beiden stonden ze te kijken hoe druk het nog was voor een dinsdagnacht tijdens een tentamenweek. Ik was er van overtuigt dat het om vijf uur op die plek nog drukker zou zijn.

Aangekomen bij huis waren mijn pas verworven logees ook net door de taxi chauffeur gebracht en zaten ze buiten nog rustig een sigaretje te roken. Boven aangekomen dronken we nog een sapje en kijken we nog wat liedjes via Youtube. Nadat we gekeken hadden hoe laat ze nu wel de bus en trein moesten hebben werd besloten dat ze een paar minuten over half zes de bus wilde nemen en rond zes uur de trein wilde nemen. Met twee uurtjes slaap voor de boeg stopte ik Aline onder en vertrouwde ik haar toe dat ik daar zes jaar geleden al van droomde. Zelf mocht ik het bed delen met Dick en hoewel we met z’n drieën nog min of meer in gesprek waren viel ik in slaap. Op een gegeven moment hoorde ik de vreselijkste wekker die ik ooit gehoord had. Het bleek Dick zijn telefoon te zijn. Hij was echter van mening dat dit niet zijn wekker was maar die van mij. Toen we eruit waren dat dit toch echt zijn wekker was ging het snel. Vliegensvlug stapten ze uit bed en trokken hun kleren aan. Voor ik het door had waren ze de deur uit en hadden ze mij bedankt voor hartelijk voor de ‘nachtrust’ en het asiel. En ik? Ik sloot mijn ogen en viel weer in een diepe slaap.

Tja, mijn vakantie? Die kon minder!